In een brief aan de Tweede Kamer heeft de staatssecretaris van Financiën de forfaitaire rendementen per vermogensschijf en de hoogte van het heffingvrij vermogen in box 3 voor 2019 bekend gemaakt. Het heffingvrije vermogen wordt volgens het indexatiemechanisme voor 2019 verhoogd naar € 30.360.
Rendement per vermogensschijf
Van € 0 tot en met € 71.650
Van € 71.651 tot en met € 989.736
Meer dan € 989.736
Weging sparen
67%
21%
0%
Weging beleggen
33%
79%
100%
2017
2,87%
4,60%
5,39%
2018
2,02%
4,33%
5,38%
2019
1,94%
4,45%
5,60%
Met ingang van 2018 wordt voor de bepaling van het forfaitaire rendement op sparen beter aangesloten bij het actuele rendement. Het spaarrendement wordt vastgesteld aan de hand van de meest recente beschikbare periode van twaalf maanden. Dat is de periode van juli in het jaar (t-2) tot en met juni van het jaar (t-1). Het forfaitaire rendement voor sparen voor 2019 is vastgesteld op 0,13%.
Het forfaitaire rendement voor beleggen is het gewogen gemiddelde van het langetermijnrendement van het voorgaande jaar en het jaarrendement van het daaraan voorafgaande jaar. Het langetermijnrendement van het voorgaande jaar telt mee voor 14/15e deel en het jaarrendement voor 1/15e deel. Door de stijging van de huizenprijzen en van de aandelenkoersen komt het rendement voor beleggingen voor 2019 uit op 5,60%.
Bron: Ministerie van Financiën | publicatie | 2018-0000143859 | 04-10-2018
Het ministerie van Financiën is een internetconsultatie gestart ter voorbereiding op een vernieuwing van het verdragsbeleid. In dat kader is ook een lijst van laagbelastende landen opgesteld. De vernieuwing van het verdragsbeleid past binnen de maatregelen om belastingontwijking- en ontduiking tegen te gaan. Tegelijkertijd moet Nederland aantrekkelijk blijven voor het bedrijfsleven.
Nederlandse lijst De lijst met laagbelastende landen bevat landen zonder winstbelasting of met een tarief van minder dan 7%. Nederland is van plan om Anguilla, de Bahama’s, Bahrein, Bermuda, de Britse Maagdeneilanden, Guernsey, Isle of Man, Jersey, de Kaaimaneilanden, Koeweit, Palau, Qatar, Saudi-Arabië, de Turks- en Caicoseilanden, Vanuatu en de Verenigde Arabische Emiraten op die lijst te plaatsen. De consultatie geeft betrokkenen de kans om hun kennis over de belastingsystemen van andere landen door te geven voordat de lijst definitief wordt vastgesteld. Dit moet voorkomen dat landen ten onrechte wel of niet op de lijst worden opgenomen. Na 2019 zal de lijst jaarlijks worden geactualiseerd. De lijst zal daarnaast worden gebruikt bij de invoering van de in het Belastingplan 2019 voorgestelde conditionele bronbelasting op dividenden en op interest en royalty’s. Deze laatste zal niet eerder ingaan dan per 1 januari 2021.
Verdragsbeleid Het huidige verdragsbeleid is aan vernieuwing toe. Het kabinet wil dat verdragen goed aansluiten bij maatregelen die zijn voorgesteld om belastingontwijking tegen te gaan. Dit speelt met name bij belastingverdragen met landen op de lijst van laagbelastende landen. Ook de heffingsverdeling tussen Nederland en ontwikkelingslanden is toe aan vernieuwing, aan de hand van een nieuw VN-Modelverdrag. Het ministerie van Financiën wil niet alleen reacties op deze onderdelen maar staat ook open voor reacties over andere zaken rondom het verdragsbeleid.
Bron: Ministerie van Financiën | publicatie | 04-10-2018
Het doel van deze nieuwe editor is het eenvoudig en plezierig maken om rijke inhoud aan WordPress toe te voegen. Dit hele bericht bestaat uit stukjes inhoud – het lijkt wat op LEGO-stenen – die je kunt bewegen en waarmee je kunt werken. Beweeg je cursor rond en je ziet dat de verschillende blokken oplichten met contouren en pijlen. Druk op de pijlen om blokken snel te verplaatsen zonder bang te hoeven zijn dingen te verliezen tijdens kopieer- en plakwerk.
Wat je nu leest is een tekstblok, het eenvoudigste blok van allemaal. Het tekstblok heeft haar eigen besturing zodat je het overal in het bericht kunt zetten…
… zoals deze, die rechts is uitgelijnd.
Koppen zijn ook afzonderlijke blokken, wat helpt bij de opzet en organisatie van je inhoud.
Een foto is duizend woorden waard
Het zorgvuldig omgaan met afbeeldingen en media is een belangrijk punt van de nieuwe editor. Hopelijk vind je aspecten als het toevoegen van bijschriften of het over de volle breedte laten zien van je foto’s veel eenvoudiger en robuuster dan voorheen.
Wanneer je thema het ondersteunt, zie je de “breed” knop op je afbeeldingstoolbar. Probeer het maar.
Probeer het citaat te selecteren en te verwijderen of te bewerken, je hoeft niet bang te zijn dat je per ongeluk de afbeelding of andere tekst selecteert en de presentatie ruïneert.
Het Invoeger gereedschap
Stel je voor dat alles wat WordPress kan doen snel en op dezelfde plaats in de interface beschikbaar is. Je hoeft geen HTML-tags of classes uit te zoeken, of ingewikkelde shortcode-regels te onthouden. Dat is het idee achter de invoeger: de knop (+) die rond de editor wordt weergegeven, waarmee je door alle beschikbare inhoudsblokken kunt bladeren en ze aan je bericht kunt toevoegen. Plugins en thema’s kunnen hun eigen blokken registreren, waardoor allerlei mogelijkheden beschikbaar komen voor bewerken en publiceren.
Probeer het eens uit. Je zal erachter komen dat WordPress al dingen in je berichten kan zetten die je niet eens wist. Hierbij een korte lijst van wat je daar op dit moment kunt vinden:
Tekst & koppen
Afbeeldingen & videos
Galerijen
Insluitingen, zoals YouTube, tweets of andere WordPress berichten.
Indelingsblokken zoals knoppen, schermbrede afbeeldingen, afscheidingen, enz.
En lijsten zoals deze, uiteraard 🙂
Visueel bewerken
Een groot voordeel van blokken is, dat je ze op hun plaats kunt bewerken en de inhoud direct kunt manipuleren. In plaats van velden te hebben voor het bewerken van dingen zoals de bron van een citaat of de tekst van een knop, kun je de inhoud direct wijzigen. Probeer het volgende citaat eens te bewerken:
De editor biedt een nieuwe bouwervaring voor pagina’s en berichten, die het maken van berichten met opmaak eenvoudig maakt, en gebruikt “blokken” om zonder problemen te maken waar tot nog toe shortcodes, aangepaste HTML, of “mystery meat” insluitingen voor nodig zijn.
Matt Mullenweg, 2017
De informatie die overeenkomt met de bron van het citaat is een apart tekstveld, zoals bijschriften onder afbeeldingen, zodat de structuur van het citaat is beschermd, zelfs wanneer je de bron selecteert, aanpast of verwijdert. Je kunt het altijd weer eenvoudig terugzetten.
Blokken kunnen alles zijn wat je wilt. Zo kun je bijvoorbeeld een subtiel citaat toevoegen in de opbouw van je tekst, of misschien wil je wel een groot opgemaakt citaat laten zien. Al deze mogelijkheden zijn beschikbaar in de invoeger.
Je kunt het aantal kolommen in je galerijen veranderen door een schuif in de blokinspecteur in de zijbalk te bewegen.
Media-rijk
Door de nieuwe brede en volledige breedte uitlijningen met galerijen te combineren, kun je heel snel een media-rijke indeling maken.
Zeker, de afbeelding over de gehele breedte kan nogal groot worden. Maar soms is de afbeelding het waard.
Hierboven staat een galerij met maar twee afbeeldingen. Het is een eenvoudiger manier om visueel aantrekkelijke indelingen te maken, zonder met floats te hoeven werken. Je kunt de galerij ook eenvoudig omzetten naar de individuele afbeeldingen met de blokomzetter.
Elk blok kan gebruik maken van deze uitlijningen. Het insluitingsblok heeft deze ook en is standaard al responsive:
Je kunt elk blok maken dat je wilt, statisch of dynamisch, decoratief of gewoontjes. Dit is bijvoorbeeld een pull-quote blok:
Code is Poetry
De WordPress community
Wil je meer weten over het bouwen van extra blokken, of ben je geïnteresseerd om te helpen met het project, ga dan naar de GitHub repository.
Een werkgever in de zorg ontsloeg een medewerker op staande voet wegens een onjuiste wijze van registratie. De ontslagen werknemer bestreed het gegeven ontslag. Hof Den Bosch was van oordeel dat de werkgever terecht zwaar tilt aan een juiste registratie van werkzaamheden, maar dat van de door de werkgever gestelde fraude geen sprake was. De werknemer was wel onzorgvuldig geweest, maar had niet de bedoeling zichzelf te bevoordelen of de werkgever te benadelen. Het hof vond de door de werknemer gegeven verklaringen aannemelijk.
Eerder waren er door de direct-leidinggevende gesprekken gevoerd over door de medewerker geregistreerde uren en activiteiten. Daaruit bleek dat de administratie van de werknemer juist was. Volgens het hof had de werkgever daarom niet tot ontslag op staande voet mogen overgaan, maar de administratie eerst moeten controleren. De kantonrechter heeft het verzoek om vernietiging van de opzegging van de arbeidsovereenkomst ten onrechte afgewezen. De werknemer verzocht niet om herstel van de arbeidsovereenkomst, maar in plaats daarvan om een billijke vergoeding. Het hof kende een vergoeding toe van € 25.000. Daarnaast had de werknemer recht op de zogenaamde gefixeerde schadevergoeding en de transitievergoeding. De gefixeerde schadevergoeding betreft het salaris over de periode van het ontslag op staande voet tot de dag waarop de arbeidsovereenkomst bij een regelmatige opzegging, dus rekening houdend met de geldende opzegtermijn, zou zijn geëindigd.
Een ondernemer heeft recht op zelfstandigenaftrek wanneer hij ten minste 1.225 uur per jaar besteedt aan zijn onderneming. De zelfstandigenaftrek vermindert het belastbare inkomen van de ondernemer. De bewijslast voor het voldoen aan het urencriterium rust op de ondernemer. Het bijhouden van een urenadministratie is een hulpmiddel om de tijdbesteding van de ondernemer te onderbouwen.
Een meubelstoffeerder, die geen urenadministratie bijhield, maakte volgens Hof Arnhem-Leeuwarden toch aannemelijk dat hij aan het urencriterium voldeed. Het hof vond de verklaring van de meubelstoffeerder dat hij dagelijks zes uur per dag bezig was in zijn werkplaats met werkzaamheden voor zijn onderneming geloofwaardig. Dat strookte met eerder afgelegde verklaringen van de stoffeerder. Hoewel het feitelijk behaalde uurtarief laag was ten opzichte van het branchegemiddelde, vond het hof aannemelijk dat de ondernemer door zijn leeftijd meer tijd voor zijn opdrachten nodig had dan vroeger. Verder verklaarde de ondernemer dat hij de tijd had om zijn opdrachten goed en zorgvuldig uit te voeren en dat hij nog steeds veel plezier beleeft aan zijn werk. Het ten opzichte van de bestede tijd lage inkomen nam de meubelstoffeerder daarom voor lief.
Uitgaande van minimaal 40 weken per jaar, vijf dagen per week en zes uur per dag besteedde de meubelstoffeerder in ieder geval 1.200 directe uren aan zijn onderneming. Niet in geschil was dat de ondernemer in ieder geval 25 uur op kalenderjaarbasis aan acquisitie, onderhoud van materialen en administratie besteedde. Daarmee was aannemelijk gemaakt dat de meubelstoffeerder meer dan 1.225 uren per kalenderjaar aan werkzaamheden voor zijn onderneming heeft besteed en dus aan het urencriterium voldeed. De zelfstandigenaftrek was ten onrechte gecorrigeerd.
Wanneer de Belastingdienst vaststelt dat een bedrijf zwarte lonen uitbetaald, leidt dat tot het opleggen van naheffingsaanslagen loonheffingen en boetes. De constatering van zwarte lonen hangt vaak samen met niet verantwoorde omzet. Is dat het geval, dan volgen er naheffingsaanslagen omzetbelasting en navorderingsaanslagen inkomsten- of vennootschapsbelasting en nog meer boetes. Dat zwarte lonen samenhangen met zwarte omzet is echter geen automatisme. De niet in de loonadministratie verwerkte lonen kunnen als een andere kostenpost in de administratie zijn verwerkt. Net als voor de betaling van zwarte lonen ligt de bewijslast voor zwarte omzet bij de Belastingdienst. Die slaagt er niet altijd in om naast zwarte lonen ook zwarte omzet aannemelijk te maken.
Naar aanleiding van ontvangen informatie stelde de Belastingdienst een onderzoek in naar de aanvaardbaarheid van aangiften vennootschapsbelasting, omzetbelasting en loonheffingen bij enkele vennootschappen. Daaruit bleek dat in de jaren 2007 tot en met 2009 zwarte lonen zijn betaald. Aan de vennootschappen zijn naheffingsaanslagen loonheffingen opgelegd. Volgens de inspecteur betekende de constatering van zwarte lonen dat de vennootschappen zwarte omzet moeten hebben behaald en dat de behaalde winst als verkapte uitdeling aan de dga ten goede is gekomen. Daarom legde de inspecteur een navorderingsaanslag inkomstenbelasting over het jaar 2007 op, waarin de uitdeling als inkomen uit aanmerkelijk belang is opgenomen. Aan de vennootschappen werden naheffingsaanslagen omzetbelasting opgelegd ter correctie van de verzwegen omzet.
Volgens de rechtbank heeft de inspecteur de verzwegen (zwarte) omzet niet aannemelijk gemaakt. Dat betekende dat de beroepen tegen de navorderingsaanslag en de naheffingsaanslagen omzetbelasting gegrond waren. Hof Arnhem-Leeuwarden heeft het hoger beroep van de inspecteur afgewezen. Anders dan de inspecteur veronderstelt, betekent de constatering van betaling van zwarte lonen niet dat daar niet geboekte omzet tegenover staat. Er kan niet worden uitgesloten dat de zwarte lonen zijn voldaan uit verantwoorde (zwarte) omzet, maar anders dan als loonkosten in de boekhouding zijn verantwoord. Uit het controlerapport blijkt niet dat is gecontroleerd of die andere wijze van boeking zich kan hebben voorgedaan. De inspecteur heeft de gestelde bedragen aan zwarte omzet niet aannemelijk gemaakt en daarmee ook niet dat een gedeelte daarvan als uitdeling van winst aan de dga ten goede is gekomen.
Een werkgever in de zorg ontsloeg een medewerker op staande voet wegens een onjuiste wijze van registratie. De ontslagen werknemer bestreed het gegeven ontslag. Hof Den Bosch was van oordeel dat de werkgever terecht zwaar tilt aan een juiste registratie van werkzaamheden, maar dat van de door de werkgever gestelde fraude geen sprake was. De werknemer was wel onzorgvuldig geweest, maar had niet de bedoeling zichzelf te bevoordelen of de werkgever te benadelen. Het hof vond de door de werknemer gegeven verklaringen aannemelijk.
Eerder waren er door de direct-leidinggevende gesprekken gevoerd over door de medewerker geregistreerde uren en activiteiten. Daaruit bleek dat de administratie van de werknemer juist was. Volgens het hof had de werkgever daarom niet tot ontslag op staande voet mogen overgaan, maar de administratie eerst moeten controleren. De kantonrechter heeft het verzoek om vernietiging van de opzegging van de arbeidsovereenkomst ten onrechte afgewezen. De werknemer verzocht niet om herstel van de arbeidsovereenkomst, maar in plaats daarvan om een billijke vergoeding. Het hof kende een vergoeding toe van € 25.000. Daarnaast had de werknemer recht op de zogenaamde gefixeerde schadevergoeding en de transitievergoeding. De gefixeerde schadevergoeding betreft het salaris over de periode van het ontslag op staande voet tot de dag waarop de arbeidsovereenkomst bij een regelmatige opzegging, dus rekening houdend met de geldende opzegtermijn, zou zijn geëindigd.
De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft naar aanleiding van een debat met de Tweede Kamer de concept-subsidieregeling voor rijksmonumenten aangepast. Dat is gebeurd naar aanleiding van een tweetal moties. Als gevolg daarvan is de minimumdrempel van € 1.000 vervallen, is de reikwijdte van de regeling uitgebreid en het subsidieplafond verhoogd van € 40 naar € 45 miljoen. De regeling geldt nu voor particuliere eigenaren van een rijksmonument met een woonfunctie, ongeacht of zij zelf in dat rijksmonument wonen.
Naast de subsidieregeling voor rijksmonumenten-woonhuizen is er de subsidieregeling instandhouding monumenten. De minister verwacht dat een deel van de eigenaren van rijksmonumenten gebruik zal maken van deze regeling, ook al zouden zij een beroep kunnen doen op de regeling voor rijksmonumenten-woonhuizen. De subsidie van de regeling instandhouding monumenten bedraagt 60%. Het budget voor deze regeling wordt verhoogd.
Een ondernemer heeft recht op zelfstandigenaftrek wanneer hij ten minste 1.225 uur per jaar besteedt aan zijn onderneming. De zelfstandigenaftrek vermindert het belastbare inkomen van de ondernemer. De bewijslast voor het voldoen aan het urencriterium rust op de ondernemer. Het bijhouden van een urenadministratie is een hulpmiddel om de tijdbesteding van de ondernemer te onderbouwen.
Een meubelstoffeerder, die geen urenadministratie bijhield, maakte volgens Hof Arnhem-Leeuwarden toch aannemelijk dat hij aan het urencriterium voldeed. Het hof vond de verklaring van de meubelstoffeerder dat hij dagelijks zes uur per dag bezig was in zijn werkplaats met werkzaamheden voor zijn onderneming geloofwaardig. Dat strookte met eerder afgelegde verklaringen van de stoffeerder. Hoewel het feitelijk behaalde uurtarief laag was ten opzichte van het branchegemiddelde, vond het hof aannemelijk dat de ondernemer door zijn leeftijd meer tijd voor zijn opdrachten nodig had dan vroeger. Verder verklaarde de ondernemer dat hij de tijd had om zijn opdrachten goed en zorgvuldig uit te voeren en dat hij nog steeds veel plezier beleeft aan zijn werk. Het ten opzichte van de bestede tijd lage inkomen nam de meubelstoffeerder daarom voor lief.
Uitgaande van minimaal 40 weken per jaar, vijf dagen per week en zes uur per dag besteedde de meubelstoffeerder in ieder geval 1.200 directe uren aan zijn onderneming. Niet in geschil was dat de ondernemer in ieder geval 25 uur op kalenderjaarbasis aan acquisitie, onderhoud van materialen en administratie besteedde. Daarmee was aannemelijk gemaakt dat de meubelstoffeerder meer dan 1.225 uren per kalenderjaar aan werkzaamheden voor zijn onderneming heeft besteed en dus aan het urencriterium voldeed. De zelfstandigenaftrek was ten onrechte gecorrigeerd.
Wanneer de Belastingdienst vaststelt dat een bedrijf zwarte lonen uitbetaald, leidt dat tot het opleggen van naheffingsaanslagen loonheffingen en boetes. De constatering van zwarte lonen hangt vaak samen met niet verantwoorde omzet. Is dat het geval, dan volgen er naheffingsaanslagen omzetbelasting en navorderingsaanslagen inkomsten- of vennootschapsbelasting en nog meer boetes. Dat zwarte lonen samenhangen met zwarte omzet is echter geen automatisme. De niet in de loonadministratie verwerkte lonen kunnen als een andere kostenpost in de administratie zijn verwerkt. Net als voor de betaling van zwarte lonen ligt de bewijslast voor zwarte omzet bij de Belastingdienst. Die slaagt er niet altijd in om naast zwarte lonen ook zwarte omzet aannemelijk te maken.
Naar aanleiding van ontvangen informatie stelde de Belastingdienst een onderzoek in naar de aanvaardbaarheid van aangiften vennootschapsbelasting, omzetbelasting en loonheffingen bij enkele vennootschappen. Daaruit bleek dat in de jaren 2007 tot en met 2009 zwarte lonen zijn betaald. Aan de vennootschappen zijn naheffingsaanslagen loonheffingen opgelegd. Volgens de inspecteur betekende de constatering van zwarte lonen dat de vennootschappen zwarte omzet moeten hebben behaald en dat de behaalde winst als verkapte uitdeling aan de dga ten goede is gekomen. Daarom legde de inspecteur een navorderingsaanslag inkomstenbelasting over het jaar 2007 op, waarin de uitdeling als inkomen uit aanmerkelijk belang is opgenomen. Aan de vennootschappen werden naheffingsaanslagen omzetbelasting opgelegd ter correctie van de verzwegen omzet.
Volgens de rechtbank heeft de inspecteur de verzwegen (zwarte) omzet niet aannemelijk gemaakt. Dat betekende dat de beroepen tegen de navorderingsaanslag en de naheffingsaanslagen omzetbelasting gegrond waren. Hof Arnhem-Leeuwarden heeft het hoger beroep van de inspecteur afgewezen. Anders dan de inspecteur veronderstelt, betekent de constatering van betaling van zwarte lonen niet dat daar niet geboekte omzet tegenover staat. Er kan niet worden uitgesloten dat de zwarte lonen zijn voldaan uit verantwoorde (zwarte) omzet, maar anders dan als loonkosten in de boekhouding zijn verantwoord. Uit het controlerapport blijkt niet dat is gecontroleerd of die andere wijze van boeking zich kan hebben voorgedaan. De inspecteur heeft de gestelde bedragen aan zwarte omzet niet aannemelijk gemaakt en daarmee ook niet dat een gedeelte daarvan als uitdeling van winst aan de dga ten goede is gekomen.